Geulen Viltsche Graaf

Aanleggen geïsoleerde geulen aan oostzijde van Oeffelt. Status: Beoordeling zienswijzen Ontwerp-Projectplan Waterwet en voorbereiden publicatie definitief Projectplan Waterwet.

Rijkswaterstaat heeft in de Maasuiterwaard langs de beek Viltsche Graaf ten oosten van Oeffelt de aanleg van meerdere geïsoleerde geulen en poelen gepland. Deze komen in de uiterwaard te liggen, maar zijn niet rechtstreeks met de Maas verbonden. 

Ontwerp-Projectplan Waterwet ter inzage
Wat er precies gaat gebeuren, staat beschreven in het Ontwerp-Projectplan Waterwet, dat van 5 december 2023 tot met 15 januari 2024 ter inzage heeft gelegen. Iedereen die dat wilde kon daarop een zienswijze indienen.

Ligging
Het maatregelgebied bevindt zich ongeveer 500 meter landinwaarts op de linkeroever tussen de Maas en Oeffelt. Het bestaat uit een zuidelijk deel, onder provinciale weg N264 ter hoogte van rivierkilometer 153,6, en een noordelijk deel boven die weg ter hoogte van rivierkilometer 155,7.


Een deel van het maatregelgebied Geulen Viltsche Graaf Zuid, tussen de Maasdijk (links in beeld) en de Zittersteeg (rechts). Foto: ©Studio Retouched.

Kaderrichtlijn Water
Deze maatregel is onderdeel van een groter ecologisch herstel­programma voor de Maas vanuit de Europese Kaderrichtlijn Water. Het waterleven in en langs de rivier is de afgelopen 150 jaar flink achteruit gegaan door allerlei menselijke ingrepen als het vastleggen van de oevers in steen en het afsnijden van rivierarmen en geulen. Hierdoor zijn veel van de oorspronkelijke planten en dieren die thuishoren in het riviersysteem verdwenen of komen nog maar in kleine aantallen voor. 

Daarom werkt Rijkswaterstaat al sinds 2009 samen met andere partijen aan het natuurvriendelijk inrichten van oevers, beekmondingen en uiterwaarden langs de rivier. Met als doel de ecologische waterkwaliteit van de Maas te verbeteren. Zo ook in de regio Land van Cuijk. De uitvoering van de KRW loopt nog door tot en met 2027.

De ontwerpen op hoofdlijnen

Zuidelijk deel
In dit gebied zijn 4 geulsegmenten voorzien, parallel aan de beek Viltsche Graaf. In totaal een geullengte van 520 meter. De smalle beekloop wordt hiervoor op een aantal plekken verbreed en verdiept, waarbij de Maasheggen behouden blijven. Dit gebeurt op plekken waar zich al laagtes in het landschap bevinden: overblijfselen uit de tijd toen de Maas nog vlechtend door het landschap liep. Twee aan te brengen aarden drempels aan de uiteinden gaan een eventuele daling van de grondwaterstand tegen. Dat gebeurt met klei die vrijkomt bij het graven van de geulen.

Bovendien is een nieuw kwelmoeras, of poel, van 60 meter breed gepland. Dit sluit aan bij reeds aanwezige poelen en dient mede als extra leefgebied voor de kamsalamander: een beschermde doelsoort in het Natura 2000-gebied Oeffelter Meent. De poel wordt ondiep, waardoor het water snel opwarmt in het voorjaar, wat gunstig is voor de ontwikkeling van salamanderlarfjes.

Noordelijk deel
Boven de N264 is een langwerpige geïsoleerde geul voorzien met een lengte van 320 meter. Die komt aan de noordwest-zijde van de Viltsche Graaf en wordt tussen de 8 en 12 meter breed, met een waterdiepte variërend van 0,6 tot 1 meter.

Een flauw oplopende brede oeverzone gaat ruimte bieden aan moerassige plas-dras natuur. Enkele verankerde dode bomen trekken allerlei waterinsecten en andere ongewervelde diertjes aan die nodig zijn voor een goede ecologische waterkwaliteit. Ook kan jonge vis schuilen bij zulke boomriffen. Aan de noordpunt komt een aarden drempel te liggen met hetzelfde doel als de eerdergenoemde drempel in het zuidelijk deel. Hier komt eveneens een extra poel waar de kamsalamander van mee kan profiteren.

Oorsprong
Van oudsher horen geïsoleerde geulen thuis in dit deel van de Zandmaas, ofwel Terrassenmaas. Deze wordt zo genoemd omdat de rivier hier door een dieper uitgesleten bedding loopt, aan weerskanten geflankeerd door organisch ontstane ‘terrassen’. De geulen lagen verder van de rivier af, onder aan de terrasrand in de uiterwaard. Maar ze zijn door menselijke veranderingen aan het landschap grotendeels verdwenen. En daarmee ook het waterleven dat daarbij hoort. Dit soort geulen wordt gevoed door helder grondwater, dat op sommige plekken lange tijd onderweg is geweest en karakteristieke natuurwaarden met zich meebrengt.

Flora en fauna
Geïsoleerde geulen zijn gericht op planten en dieren die baat hebben bij laagdynamische omstandigheden met weinig tot geen stroming en zonder dagelijkse invloed van de Maas. Voorbeelden van natuurwaarden die hier gedijen zijn de bolle stroommossel, variabele waterjuffer, gele plomp en watergentiaan. Door de afstand tot de Maas en de geïsoleerde ligging, zullen zich hier minder snel dominante exoten vestigen. De oorspronkelijke soorten hebben daardoor betere overlevingskansen.

Ondanks de afstand tot de rivier, kunnen ook vissen hun weg vinden naar de geulen. Bij hoogwater gaat namelijk de gehele uiterwaard - en dus ook deze geulen - meestromen en dan bestaat de kans dat er vissen of viseitjes achterblijven als het water zich terugtrekt. Ook overvliegende vogels kunnen eitjes laten vallen die aan hun poten of veren kleven.

Bufferzone
Onderdeel van het ontwerp is verder een zogenoemde bufferzone. Dat is een strook land van 15 meter breed om de nieuwe geul en poel heen die ervoor zorgt dat gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen van aangrenzende landbouwgebieden worden gefilterd en daardoor zo min mogelijk terechtkomen in deze KRW-wateren.

Totstandkoming ontwerp en afstemming
Het ontwerp voor de geulen en poelen is tot stand gekomen in overleg met onder andere Waterschap Aa en Maas, gemeente Land van Cuijk, Provincie Noord-Brabant en grondeigenaren. In de voorbereiding is tevens gekeken naar zaken als de bodemgesteldheid, de waterhuishouding en aanwezigheid van eventuele beschermde flora en fauna, kabels/leidingen en cultuurhistorische of landschappelijke waarden.

Het ontwerp voldoet aan het huidige vastgestelde beleid. En er is binnen de specifieke opdracht vanuit de Kaderrichtlijn Water zo goed mogelijk rekening gehouden met de naar voren gebrachte wensen en eisen.

Verder speelt in deze regio de MIRT-Verkenning ‘Ruimte voor de Maas bij Oeffelt’, onder leiding van de Provincie Noord-Brabant. Die is gericht op het verbeteren van de doorstroming van de Maas onder de N264-brug door in tijden van hoogwater. De geul en poel Virdsche Graaf kunnen zonder bezwaar voor die doelstelling worden uitgevoerd.

Ontwerp-Projectplan Waterwet
Onder ditzelfde Ontwerp-Projectplan Waterwet vallen nog drie andere KRW-maatregelen: Geulen Virdsche Graaf en Geulen Boxmeerse Veld, eveneens gelegen in de gemeente Land van Cuijk, plus de Oude Maasarm Heijen aan de overkant van de Maas in de gemeente Gennep. Tezamen vormen ze het zogeheten deelproject 4.

Iedereen kon van 5 december 2023  tot en met 15 januari 2024 reageren op de plannen.


 

Verdere stappen 
In de reactienota bij het Ontwerp-Projectplan Waterwet wordt teruggekoppeld wat er met de binnengekomen zienswijzen is gedaan. Na publicatie van het definitieve Projectplan Waterwet is er voor belanghebbenden de mogelijkheid tot het indienen van beroep tegen de plannen. Uiterlijk december 2027 moeten de werkzaamheden zijn uitgevoerd. 

Meer weten?
Algemene informatie over de maatregelen van Rijkswaterstaat voor ecologisch herstel van de Maas is te vinden op www.rijkswaterstaat.nl/maasoevers, via de nieuwsbrief en in deze brochure. Of bel voor vragen met de publieksinformatielijn van Rijkswaterstaat 0800-8002 (gratis).

Lat: 51,6864527176461
Long: 5,94644872207228

Een momentje...
Cookie-instellingen